Posted by on 6 maart 2017

Ontmoet Kees en Teun

Katten katersDit zijn de twee katten waar ik samen mee woon en die mij heel veel bewustzijn gebracht hebben. Als eerst kwam Kees bij ons wonen, nu 9 jaar geleden, ik wilde dolgraag een kat (ipv poes) en dit was de enige kater in het nestje van de schoonzus van het zusjes van een vriendin. Het lijkt wel of dat de manier is hoe je aan een leuke kat komt. Of via het asiel of via via via. Vanaf dag 1 kon ik lezen en schrijven met hem, hij was eigenwijs, houdt van zijn eigen ruimte innemen en doet (lees: deed) graag trucjes voor een snoepje. Hij ging met ons mee in de trein aan een tuigje en week niet van onze zijde. Doordat hij het zo leuk vond om buiten te zijn gingen we in de avond geregeld wel eens met hem wandelen, op het ijs, in de zon. Het maakte Kees niets uit hij ging mee. Ik deed er alles aan om hem een leuk en plezierig leven te geven, zo leerde ik hem zelfs niet bang te hoeven zijn voor de stofzuiger door hem in etappes aan dat grote enge monster te laten wennen. Kees werd een zeer extravagante (lees: arrogante) kater met eigen wil, zelf wel een beetje snobbig op zijn tijd.

Kat Kees

Tot Teun kwam.

Teun heette officieel Jeff en kwam uit het asiel. We wilden een andere typisch Hollandse naam die paste bij Kees en al snel ontstond, volgens het oude leesplankje, Teun. Ik wilde ‘even kijken’ bij het asiel. Je kent dat wel, heel onschuldig zonder reden naar het asiel gaan. Als je dat ooit hebt gedaan, dan weet je dat je ook met een dier thuis komt. Ik was verliefd geworden op een oud besje met drie poten. Ik probeerde Lars over te halen terwijl ik ‘nog heel even’ bij de kittens zou gaan kijken. Liever wilde ik geen kitten, weer opvoeden en maar zien wat er van kwam. Liever had ik een poesje waar niet meteen voor gezorgd zou gaan worden, eentje waar ik mij -als ware held- over zou gaan ontfermen. Je snap het al: We waren nog geen minuut binnen in het kittenverblijf en Jeff sprong op Lars zijn schoot. Lars verkocht, ik met lood in de schoenen terug naar het oude besje met drie pootjes om haar te vertellen dat zij het niet zou gaan worden maar dat we dat gekke rode mormel met prutoogjes mee zouden gaan nemen.

Kat Teun

Katten en bewustzijn

Zoals je hier boven al kunt lezen, als je een geoefend zelf-ontdekker bent, zie je hoeveel oordelen en achterliggende structuren er waren in de jaren met katten. Ik wilde alles doen voor Kees, ik wilde hem een per-fect leven geven. Niet overdreven (maar toch). Ik hield van zijn eigenwijsheid, van zijn speelsheid en soms wat ruige tactiek om zijn zin te krijgen. Waarom? Omdat dit dingen zijn die ik bij mijzelf herken. Ik zocht naar erkenning voor mijn eigen eigenwijsheid, speelsheid en ruige tactieken om mijn zin te krijgen. Ik zag ze in Kees en werd verliefd. Ik keek naar Kees en kon eindelijk liefde voelen voor de eigenschappen die niet altijd zo geliefd zijn geweest voor mij. Ik kon mij ontfermen over die malle kat met zijn arrogante karakter. Ik kon er om lachen, van genieten en kon het zelfs stimuleren. Want eindelijk. Eindelijk vond ik erkenning voor mijzelf. Erkenning van mijzelf, via Kees.

Tot Teun kwam.

En toen kwam Teun. Vanaf seconde 1 voelde ik niets voor hem. Hij was een indringer in ons huis. Ik zag altijd een bang katje, een pieperd… en dan ook nog met prutogen. Hij kwam niet zo graag op schoot als Kees, hij lag graag alleen in de slaapkamer en als ik mazzel had kon ik hem af en toe een vluchtige aai geven. Elke dag als ik thuis kwam en de deur open deed zat hij voor de deur. Iets wat mij vrolijk stemde… tot ik één voet over de drempel stak en hij als een speer de slaapkamer in rende om achter de verwarming te gaan zitten. Ik haatte het. Ik haatte Teun. Ik heb openlijk mijn wroeging naar hem geuit. Door Teun snapte ik hoe het kon zijn dat sommige ouders het moeilijk vinden om evenveel van allebei hun kinderen te houden. Ik hoorde mijzelf bij elk bezoek zeggen: Ja we hebben nog een kat maar die komt toch nooit tevoorschijn, die is voor alles en iedereen bang.

Hij kreeg ook niet (meer) de aandacht die Kees wel kreeg. Geen stofzuig-lessen, geen trucjes leren en ook niet buitenspelen aan een tuigje. Lars was gek van hem, die kon ook veel meer voor elkaar krijgen met hem. Wat mij tot nog meer afkeer bracht. En tot overmaat van ramp bleek hij ook nog de kat te zijn die aan je behang en dure houten kast krabt.

Kees en Alice

Bewust – zijn

Ook bij Teun was er sprake van spiegeling, precies dezelfde spiegeling als die ik had met Kees. Maar… Bij Kees keek ik naar de eigenschappen die ik wilde erkennen en die ik goed vond voor mijzelf. Bij Teun… Tja. Daar zaten eigenschappen die ik zeker niet wilde zien bij mijzelf: Bang, niet toegankelijk. Die eigenschappen kon ik niet bij mijzelf waarderen en dus al helemaal niet bij hem. Om maar niet bij mijzelf te kijken, keek ik naar hem.

Regeltjes

Ook gold dit voor regeltjes voor de katten: Niet op tafel, niet op het aanrecht, nergens aan krabben (behalve de krabpaal), niet vechten met elkaar, niet uit de wasbak drinken, niet mijn kleren kapot maken door heel blij op schoot te zitten en dan met nagels in mijn broek hangen. (as we speak komt Teun mijn schoot op geklommen met zijn nagels in mijn panty… Ik geef hem een aai en kus op zijn hoofd, we zijn best buddies tegenwoordig!)

Regeltjes zijn er voor de regelmaker. Een kat test alleen maar uit hoe streng jij je regeltjes handhaaft. Lars en ik zaten op een goede dag in gesprek en spraken over de regels die wij hadden over de katten. En wie wij daarmee eigenlijk voor de gek aan het houden waren?! ‘S nachts gingen ze toch wel op tafel, de gaten kwamen toch wel in onze kleding want het is nu eenmaal gezellig als een kat op schoot zit, de kast werd ’s nachts geterroriseerd (ondanks alle maatregelen) en gevochten werd er ook. We barsten in lachen uit: Wij waren de dupe van onze eigen regels; Wij hadden de meeste stress om steeds maar te checken of de katten iets wel of niet deden.

Langzaamaan kwam het bewustzijn binnen druppelen. We gingen in zien hoe onze katten ons laten zien wat wij denken en voelen.
Ik vergaf mijzelf voor mij bange karakter, ik vergaf mijzelf voor het stukmaken van spullen, ik vergaf mijzelf voor niet toegankelijk zijn (/ afgewezen worden). Net als ik mijzelf vergaf voor mijn eigenwijsheid, arrogantie en snobbigheid. Want ook de dingen die ik zo hard toe heb gejuicht bij Kees zijn toejuichingen uit pijn en verlangen. Verlangen om gezien te worden voor wie ik ben.

Bevrijding

Wat een bevrijding is het! Om niet gestrest te zijn over kapotte kleding, bangigheid, afgewezen worden. Die rust in de geest is verruimend, verlichtend. Het doet er dan niet eens meer toe dat de katten nu allebei knuffelig en lief zijn, of dat de bank en kast hun beste tijd hebben gehad omdat de katten er los op zijn gegaan. We kunnen samen Zijn.

Nog één ding….
Er is nog één ding waar ik vergeving op mag toepassen… die kattenharen! Halleluja, ik lijk soms wel zelf een kat en dan het stofzuigen… dat kan ook echt niet één dag uitgesteld worden… Pffff. 😉

En omdat je vast een kattenliefhebber bent (als je toch op deze link hebt geklikt) doe ik er nog een paar extra fotos bij 😉

Comments

Be the first to comment.

Leave a Reply

*



You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>